Beeldvorming, injecties of clippen ductus endolymfaticus (EDB) bij Ménière.

 

Diagnostiek

De KNO-arts stelt de diagnose Ménière op het verhaal van de patiënt in combinatie met de hoortest en eventueel evenwichtsonderzoek. Tot voor kort bestond er geen radiodiagnostiek (CT of MRI), om de diagnose te ondersteunen. Afgelopen jaar is hier echter verandering in gekomen. In het HagaZiekenhuis kan de radioloog met behulp van een geavanceerde MRI-methode de afwijking van het binnenoor, hydrops genaamd, in beeld brengen. Hiermee beschikt het HagaZiekenhuis over een extra diagnostische mogelijkheid voor Ménière, uniek in Nederland. De afdeling KNO en radiologie onderzoeken deze nieuwe mogelijkheid verder.

https://www.facebook.com/265004933541063/posts/2073207186054153/

Therapie

De behandeling van de ziekte van Ménière is vooral symptoom gericht en lastig. Lastig omdat de aandoening een erg wisselend beeld kent en bovendien bekend is dat het placebo-effect van de behandelingen 60 tot 70% blijkt te zijn. Het vrijwel altijd voorgeschreven geneesmiddel betahistine bijvoorbeeld, is niet effectiever gebleken dan placebobehandeling. De huidige medicatie geneest de aandoening niet.

Twee alternatieve, maar ingrijpendere behandelingen worden momenteel geëvalueerd in het HagaZiekenhuis. Het betreffen:

  1. de injectie met dexamethason in het middenoor en

  2. het clippen van de ductus endolymfaticus (EDB).

 

Ad 1. De injectie met dexametason vindt plaats in locale verdoving. Het positieve effect van deze injecties in het middenoor lijkt na een tijdje minder te worden bij patiënten met Ménière.

Ad 2. Het clippen van de ductus endolymfaticus (EDB) vindt plaats in algehele anesthesie. Patiënten kunnen hiervoor in aanmerking komen wanneer meerdere dexametasoninjecties geen effect hebben gehad (meer dan 1 maal per 3 weken een injectie en desondanks meer dan 3 aanvallen per half jaar). Indien met de patiënt besloten wordt tot de EDB-ingreep zal eerst de diagnostiek volledig moeten zijn. Dit houdt in dat behalve de hoortest ook een CT-scan én een MRI-scan worden verricht. Afhankelijk van de uitslagen kan er eventueel geopereerd worden. Kanttekening bij het clippen is dat deze behandeling nog niet onweerlegbaar zijn nut heeft bewezen! Omdat de ingreep in Nederland nog geen declaratiecode kent bij de zorgverzekeraar vindt de ingreep plaats in het Universitair Ziekenhuis Antwerpen, België. Vanwege het ontbreken van de declaratiecode is de behandeling voor eigen rekening en kost rond de 2000 €.

Onderzoek

Om het nut van de EDB te bewijzen wordt in Nederland en België nu de laatste hand gelegd aan een studieopzet. Als de studieopzet goedgekeurd wordt door de medisch etische commissie, worden alle deelnemende patiënten geopereerd maar het lot bepaalt of er wel of geen clip gezet zal worden. De helft van de patiënten krijgt dus de operatie met clip en de helft krijgt de operatie zonder clip. In geval van goedkeuring zal de operatie in Nederland en België wel worden vergoed.